Ga bosjes eten!

Ga bosjes eten! Ga bosjes eten! Fedde stopt een hap gras in zijn mond
Fedde Eigenwind
Fedde Eigenwind

Skriééé! ‘TĂșĂșĂșt!’ Ik hoor een auto hard op de remmen gaan en kijk snel achterom naar de rotonde. Ik zie Fedde voor een dikke auto langsfietsen en zijn hand op steken. Erachteraan fietsen Jip en Fay de weg over. De auto rijdt met piepende banden weg. Die komt ons achterna, hij is aan het keren, waarschuwt Fedde als hij naast me is komen fietsen. Wat? Wat gebeurde er? Die auto kwam veel te hard aanrijden en moest heel hard op de rem. Toen stak ik mijn middelvinger op, legt Fedde uit. Oh, nee! Maar je had geen voorrang daar. HĂ­j had voorrang
 en waarom meteen een middelvinger? Ik fiets daar met een heel gezin! Oh daar komt ‘ie
 Een veel te dikke zwarte auto haalt ons in, rijdt over de berm schuin het fietspad op en remt hard vlak voor onze neus. We moeten wel stoppen. Een brede kerel stapt uit en begint tegen Fedde te schreeuwen: Jij denkt dat je stoer bent, hĂš! Kneus! JĂ­j denkt dat je stoer bent! – met je dikke auto – ik hoor het Fedde bijna denken. Ik kijk achterom en zoek oogcontact met de kinderen. Ik voel me helemaal niet veilig met die twee ruziĂ«nde mannen. Jij bent echt een kneus, ga door en je gaat bosjes eten! dreigt de man. Nu komt Fedde in beweging en duwt zijn fiets naar mij. Hou eens vast
 Nee! Doe niet! protesteer ik, maar hij heeft de fiets al losgelaten en tegen beter weten in pak ik het stuur vast. Hij wil dat ik bosjes ga eten, nou dan ga ik bosjes eten! Fedde bukt bij de berm, rukt een hand gras uit de grond en duwt het allemaal in zijn mond. Pfff! Kneus! sputtert de man nog eens en stapt weer in zijn auto. We kijken hem zwijgend na.

Ga bosjes eten! Ga bosjes eten! Fedde stopt een hap gras in zijn mond
Ga bosjes eten! Fedde stopt een hap gras in zijn mond

Ha! Dat zag ie niet aankomen! Zag je zijn gezicht? Fedde lacht alweer. We stappen weer op de fiets en vervolgen onze weg naar het strand. Ik heb nog nooit zo vaak iemand kneus horen zeggen! roept Fay lacherig. Ik kan er nog niet om lachen. Ik dacht echt even dat je met hem op de vuist ging! vertel ik Fedde. Ik voelde me helemaal niet veilig. Nee, ik wist dat hij niets zou doen. Z’n dochtertje zat in de auto! Dat had ik helemaal niet gezien. Sorry dat ik je in deze situatie heb gebracht, Fedde probeert het goed te praten, maar ik ben nog steeds geĂ«rgerd. Ik ben me echt rotgeschrokken!

We parkeren onze fietsen bij het strand en zoeken een plekje in de schaduw. Het is het eerste echt warme weekend in mei en iedereen zoekt verkoeling in het meer. Het is behoorlijk druk. Laten we eerst even landen met elkaar, ga even zitten, zegt Fedde tegen de kinderen. We ploffen met z’n vieren in het gras. Ik wil even praten over wat er net gebeurd is. Wat vonden jullie er van? Ik vond het heel overdreven, begint Jip. Fay haalt haar telefoon tevoorschijn en laat een foto zien: Hij deed me denken aan deze cartoon! giegelt ze. Ik schrok, ik dacht dat jullie op de vuist zouden gaan, vertel ik eerlijk. Ja, ik dacht dat we allemaal klappen zouden krijgen
 vult Fay mij aan. Dat dacht ik niet hoor, zijn dochtertje van tien zat in de auto, zegt Fedde weer. Zijn hele familie zat in de auto! roept Fay verontwaardigd. De kinderen hebben meer gezien dan ik. Het was misschien niet goed dat ik mijn middelvinger op stak, want we hadden geen voorrang. Maar zijn gedrag was ook echt niet okĂ©! benadrukt Fedde. Ook als er geen kinderen bij waren geweest was zijn gedrag heel raar, vul ik aan. Ik zou me wel kunnen voorstellen dat Bas zich zo zou zou gedragen met Binkie in de auto, vertelt Jip dan. Echt waar? vraagt Fedde verbaasd. Fay knikt bevestigend. Haha dat jij gewoon gras ging eten! Fay lacht weer. Ja, hij zei: ‘ga bosjes eten!’ dus toen deed ik dat. Dat zag ‘ie niet aankomen! Haha kneus! Wie zegt dat nou?

Nu is het echt tijd om het water in te gaan. Terwijl de kinderen het koude water trotseren komt Fedde naast mij zitten. Ik heb me denk ik nog nooit zó een gezin gevoeld als vandaag, zegt hij. Echt waar? ik ben verbaasd. Hij heeft zoveel meer ervaring met ‘gezin zijn’ dan ik. Ja, wij kunnen echt tegen elkaar zeggen wat we voelen en vinden. Ik vond het heel goed dat je even tijd nam voor dat gesprek, zeg ik. Dat was echt een bijzonder moment. Heeft die kneus toch nog wat goeds teweeggebracht, gniffelt Fedde.

Alle verhalen op stiefuslief.nl zijn echt gebeurd! Alleen de namen zijn verzonnen om echte kinderen en hun privacy te beschermen. Reageren mag, zeuren niet.

Andere Verhalen

Wapke Samenwijs
"Ik bedoel het niet gemeen, ik herken mijn mede-autisten. Zij zitten er ook bij en zeggen niks."
~ Wapke ~